Proefnotitie: Geelgouden kleur, helder en fonkelend. Zuiver, licht zilt, verfijnd aromatisch, bloemig met tonen van rijpe appel, citrus, en wat exotisch fruit. Smaakopwekkende wijn, vol, wat rins karakter en mooi ontwikkeld. Zuiver en lang van afdronk, bewijs dat albariño ook goed kan ouderen.
Wijn-spijs: Rijke visgerechten (ook gerookt), schaal- en schelpdieren, tapas, licht blank vlees en gevogelte, pasta's, paella's, groentegerechten, salades.
Het gebied Rías Baixas ligt in Galicië, het uiterste noordwesten van Spanje. De Rías Baixas, ofwel 'laagland-rivieren', zijn grote fjordachtige inhammen en baaien. Deze DO van ruim 4.000 ha bestaat uit 5 sub gebieden: Condado do Tea en O Rosal aan de grens met Portugal langs de Miño-rivier, Soutomaior en Ribeira do Ulla meer landinwaarts en Val do Salnés, de beste en grootste regio voor wijnbouw aan de kust van de Atlantische Oceaan.
De bodem in Val do Salnés bestaat uit graniet met een alluviale bovenlaag. Het is het meest koele en natste gebied van de regio. Galicië kent zeer veel neerslag, 1520 mm per jaar, dat is 2x zoveel als in Nederland. De lokale consumptie van wijn is hier een veelvoud van die in de rest van Spanje. 95% van de wijn is hier wit. Albariño is koning hier, vooral in Val do Salnés. In de andere gebieden wordt hij ook wel geblend met treixadura, godello, loureira ea. Hier ziet men nog veel de traditionele pergola (parra) wijnbouw, een stellage van palen, waarop latten en draden, waarbij de druiven als het ware een dak vormen op wel 180 cm boven de grond. Hierdoor worden de druiven voldoende belucht, zodat het fruit gezond kan blijven en niet voortijdig verrot, vanwege het vochtige klimaat. Ook de dikke schil van de albariño druif vermindert de kans op meeldauw.
De speciaal geselecteerde druiven van de oudste stokken uit de Finca Tremoedo wijngaard worden met de hand geoogst. Na het ontstelen volgt een koude inweking op 6 tot 9°C gedurende 12-18 uur. Hierdoor komen meer aroma stoffen in de most. Voor de gisting gaan de druiven in roestvrij stalen tanks, door het eigen gewicht van de druiven loopt een deel van het sap weg. Dit 'afloopsap' vergist op 15 tot 18°C, daarna blijft de wijn tot 24 maanden op het bezinksel. De wijn wint erdoor aan complexiteit en wordt ook zachter. Deze wijn wordt alleen in uitzonderlijke jaren gemaakt.